Drempelinkomen

Het drempelinkomen bepaalt vanaf welk bedrag je bepaalde aftrekposten mag opvoeren. Hoe je het berekent en waar het in de aangifte terugkomt.

Geschreven door: Carin VreedeBijgewerkt op:

Het drempelinkomen is je inkomen uit box 1, box 2 en box 3 bij elkaar opgeteld, nog vóór je persoonsgebonden aftrek. De Belastingdienst gebruikt het voor één ding: bepalen welk deel van je zorgkosten en giften je mag aftrekken. Haal je de aftrekposten er al vanaf, dan heb je het verzamelinkomen, en dat is iets anders.

Wat is het drempelinkomen?

De naam zegt het al: het inkomen dat de drempel bepaalt. Bij zorgkosten en giften betaal je eerst zelf een stuk, en pas wat daarboven uitkomt, is aftrekbaar. Hoe hoog dat eigen stuk is, hangt af van je drempelinkomen. In box 1 telt je inkomen uit werk en woning, dus je loon, een uitkering of pensioen en het eigenwoningforfait, na bijvoorbeeld hypotheekrente. Box 2 is inkomen uit een aanmerkelijk belang, als je minstens 5 procent van een bv bezit. Box 3 is inkomen uit sparen en beleggen.

Drempelinkomen berekenen

Tel het inkomen uit de drie boxen op. De persoonsgebonden aftrek blijft erbuiten:

Drempelinkomen = inkomen box 1 + inkomen box 2 + inkomen box 3

Bedrag

Inkomen uit werk en woning (box 1)

€ 40.000

Inkomen uit aanmerkelijk belang (box 2)

€ 0

Inkomen uit sparen en beleggen (box 3)

€ 2.000

Drempelinkomen

€ 42.000

Het bedrag voor box 1 haal je uit je aangifte. Voor het loondeel helpt de jaaropgaaf van je werkgever: daar staat je fiscaal loon op, het loon waarover loonheffing is ingehouden. Dat is lager dan je brutoloon, omdat onder meer je pensioenpremie er al vanaf is.

Verschil tussen drempelinkomen en verzamelinkomen

Het enige verschil is de persoonsgebonden aftrek. Trek je die af van het drempelinkomen, dan houd je het verzamelinkomen over. Zonder aftrekposten zijn de twee dus gelijk. Een derde begrip loopt er vaak doorheen: het toetsingsinkomen, waar de Dienst Toeslagen mee rekent. Dat is meestal gelijk aan het verzamelinkomen. Je drempelinkomen bepaalt dus niet of je zorgtoeslag krijgt.

Begrip

Wat het is

Waarvoor

Drempelinkomen

box 1 + 2 + 3, vóór persoonsgebonden aftrek

drempel voor zorgkosten en giften

Verzamelinkomen

drempelinkomen min persoonsgebonden aftrek

je aanslag, de ouderenkorting

Toetsingsinkomen

meestal gelijk aan het verzamelinkomen

toeslagen zoals zorgtoeslag

Drempel voor zorgkosten in 2026

Specifieke zorgkosten, zoals hulpmiddelen, een dieet op voorschrift of extra gezinshulp, zijn aftrekbaar voor zover ze boven een drempel uitkomen. Voor 2026 rekent de Belastingdienst zo:

Drempelinkomen (zonder fiscale partner)

Drempel

€ 0 tot en met € 9.680

€ 166

€ 9.681 tot en met € 51.411

1,65 % van het drempelinkomen

€ 51.412 en meer

€ 848 + 5,75 % van het bedrag boven € 51.411

Gezamenlijk drempelinkomen (met fiscale partner)

Drempel

€ 0 tot en met € 19.360

€ 332

€ 19.361 tot en met € 51.411

1,65 % van het drempelinkomen

€ 51.412 en meer

€ 848 + 5,75 % van het bedrag boven € 51.411

Met een drempelinkomen van 42.000 euro ligt de drempel op 693 euro. Had je 1.500 euro aan specifieke zorgkosten, dan trek je 807 euro af. Verdien je 60.000 euro, dan is de drempel 848 euro plus 5,75 procent van 8.589 euro, afgerond 1.342 euro. Blijft je gezamenlijke drempelinkomen in 2026 onder 41.123 euro, dan mag je een deel van de kosten verhogen, met 40 procent, of met 113 procent als je de AOW-leeftijd hebt bereikt. Voor dokterskosten en reiskosten voor ziekenbezoek geldt die verhoging niet. De bedragen veranderen elk jaar; kijk voor je eigen aangifte bij de Belastingdienst.

Drempels van eerdere jaren

Doe je de aangifte over een eerder jaar, dan gelden de bedragen van dat jaar. Zonder fiscale partner waren dat volgens de Belastingdienst:

Jaar

Vaste drempel

1,65 % van het drempelinkomen

Daarboven

2026

€ 166 tot en met € 9.680

€ 9.681 tot en met € 51.411

€ 848 + 5,75 % boven € 51.411

2025

€ 164 tot en met € 9.534

€ 9.535 tot en met € 50.635

€ 835 + 5,75 % boven € 50.635

2024

€ 163 tot en met € 9.420

€ 9.421 tot en met € 50.034

€ 825 + 5,75 % boven € 50.034

Met een fiscale partner is de vaste drempel ongeveer het dubbele: € 332 in 2026, € 328 in 2025 en € 326 in 2024, tot een gezamenlijk drempelinkomen van € 19.360, € 19.068 en € 18.840. De bovengrenzen zijn gelijk aan die voor alleenstaanden.

Drempel voor giften

Gewone giften aan een ANBI zijn aftrekbaar boven 1 procent van je drempelinkomen, met een minimum van 60 euro, en tot maximaal 10 procent. Met 42.000 euro drempelinkomen ligt de drempel op 420 euro. Gaf je dat jaar 600 euro aan goede doelen, dan trek je 180 euro af. Periodieke giften, vastgelegd voor minstens vijf jaar, hebben geen drempel en zijn helemaal aftrekbaar.

Drempelinkomen met een fiscale partner

Heb je het hele jaar een fiscale partner, dan tel je de drempelinkomens bij elkaar op en de zorgkosten en giften ook. Er is dan één gezamenlijke drempel. Verdien jij 30.000 euro en je partner 25.000, dan is het gezamenlijke drempelinkomen 55.000 euro en de drempel voor zorgkosten 848 euro plus 5,75 procent van 3.589, afgerond 1.054 euro. Hoe jullie de aftrek daarna verdelen, mogen jullie zelf kiezen.

Het hele voorbeeld: van drempelinkomen naar verzamelinkomen

Stap

Bedrag

Drempelinkomen

€ 42.000

Aftrek specifieke zorgkosten (€ 1.500 − € 693)

− € 807

Aftrek giften (€ 600 − € 420)

− € 180

Verzamelinkomen

€ 41.013

Veelgemaakte fouten

De meest gemaakte fout is de persoonsgebonden aftrek al van het drempelinkomen af te halen. Dan reken je met het verzamelinkomen en kom je op een te lage drempel. Ook komt het voor dat iemand het brutoloon invult in plaats van het fiscaal loon, of bij box 3 het vermogen in plaats van het inkomen eruit. En wie een fiscale partner heeft, vergeet weleens de inkomens samen te tellen.

Wat moet je als werkgever weten?

Het drempelinkomen is een begrip uit de aangifte van je medewerker, niet uit jouw loonadministratie. Wat jij levert, is de jaaropgaaf met het fiscaal loon. Klopt dat niet, bijvoorbeeld door verkeerd verwerkte uren of toeslagen, dan werkt de fout door in alles wat erop rust, ook in de aangifte. Hoe een loonstrook is opgebouwd, staat in het woordenboek. Shiftbase stuurt goedgekeurde uren met de juiste toeslag mee in het loonrapport of via een koppeling naar salarissoftware zoals Nmbrs, AFAS of Loket, zodat de loonadministratie met kloppende uren begint. Hoe dat werkt, lees je bij urenregistratie.

Veelgestelde vragen

Het drempelinkomen is het totaal van je inkomen uit box 1, box 2 en box 3, vóór aftrek van je persoonsgebonden aftrekposten. De Belastingdienst gebruikt het om de drempel voor zorgkosten en giften te berekenen.

Het drempelinkomen bereken je door het inkomen uit box 1, box 2 en box 3 bij elkaar op te tellen. De persoonsgebonden aftrek, zoals zorgkosten en giften, haal je er niet af.

Het drempelinkomen is niet hetzelfde als het verzamelinkomen. Het verzamelinkomen is het drempelinkomen min je persoonsgebonden aftrek. Heb je geen persoonsgebonden aftrek, dan zijn de twee bedragen gelijk.

Je drempelinkomen vind je in je aangifte inkomstenbelasting: tel daar het inkomen van de drie boxen op, vóór de persoonsgebonden aftrek. Het programma van de Belastingdienst rekent de drempels voor zorgkosten en giften automatisch uit.

De drempel voor zorgkosten in 2026 is € 166 bij een drempelinkomen tot en met € 9.680, daarna 1,65 % van het drempelinkomen tot en met € 51.411. Daarboven is het € 848 plus 5,75 % van het meerdere. Met een fiscale partner gelden andere ondergrenzen.

De drempel voor gewone giften is 1 % van je drempelinkomen, met een minimum van € 60. Je mag maximaal 10 % van je drempelinkomen aftrekken. Periodieke giften hebben geen drempel.

Het drempelinkomen bepaalt je zorgtoeslag niet. De Dienst Toeslagen gaat uit van het toetsingsinkomen, en dat is meestal gelijk aan je verzamelinkomen.

Carin Vreede
Carin VreedeTeamlead Online Marketing

Carin schrijft voor Shiftbase over roosteren, verzuim en alles wat teamplanning makkelijker maakt. Ze vertaalt de dagelijkse hoofdpijn van managers naar praktische tips die je meteen kunt gebruiken.

Alle begrippen bekijken