Ketenregeling

De ketenregeling bepaalt hoeveel tijdelijke contracten je mag geven voordat er een vast contract ontstaat. De aantallen, termijnen en uitzonderingen.

Bijgewerkt op:

De ketenregeling bepaalt hoeveel tijdelijke contracten een werkgever na elkaar mag geven. Het zijn er maximaal drie in 36 maanden. Het vierde contract, of het contract waarmee de reeks langer dan 36 maanden duurt, is automatisch een contract voor onbepaalde tijd. De regel staat in artikel 7:668a van het Burgerlijk Wetboek en wordt per 1 januari 2028 strenger.

Hoeveel tijdelijke contracten mag je geven?

Je mag een medewerker drie tijdelijke contracten na elkaar geven, samen niet langer dan 36 maanden. Er zijn twee grenzen en de eerste die je bereikt, telt. Wie drie contracten van een jaar krijgt, zit precies op 36 maanden. Een vierde contract is dan vast, en een verlenging van het derde contract met een dag ook. Wat er in elk van die contracten moet staan, lees je in onze uitleg over het arbeidscontract.

Reeks tijdelijke contracten

Gevolg

3 contracten van 12 maanden

nog tijdelijk; een vierde contract is vast

2 contracten van 12 maanden, daarna 1 van 18 maanden

vast zodra de 36 maanden voorbij zijn, dus halverwege het derde contract

4 contracten van 6 maanden

het vierde contract is vast, al is het pas na twee jaar

1 contract van 24 maanden, daarna 1 van 12 maanden

nog tijdelijk; elke verlenging daarna is vast

De tussenpozen tellen mee voor de 36 maanden. Wie een jaar werkt, vier maanden thuis zit en weer twee jaar werkt, komt op 40 maanden en heeft dus een vast contract. Een stilzwijgende verlenging, als iemand na de einddatum gewoon doorwerkt, telt ook als contract. Hoe je een contract op tijd verlengt of laat aflopen, staat bij contract verlengen.

Wanneer is de keten verbroken?

De keten is verbroken als er meer dan zes maanden tussen twee tijdelijke contracten zit. Daarna begint het tellen opnieuw, bij contract één en maand nul. Een tussenpoos van precies zes maanden is te kort.

Voor seizoenswerk mag een cao de tussenpoos inkorten tot drie maanden. Dat geldt alleen voor functies die hooguit negen maanden per jaar kunnen worden uitgeoefend en die dezelfde medewerker niet langer dan negen maanden per jaar aaneengesloten kan doen. Denk aan pluk- of strandwerk. Wie in de horeca het hele jaar door werk heeft maar ’s zomers extra mensen inzet, valt daar niet onder. Wat de horeca-cao hierover regelt, staat bij opzegtermijn in de horeca.

Wat verandert er in 2028?

De Wet meer zekerheid flexwerkers is op 7 juli 2026 door de Eerste Kamer aangenomen. Per 1 januari 2028 verbreekt pas een tussenpoos van meer dan 36 maanden de keten. De draaideur van drie contracten, zes maanden pauze en weer drie contracten verdwijnt daarmee.

Onderdeel

Nu

Vanaf 1 januari 2028

Maximaal aantal tijdelijke contracten

3

3

Maximale duur van de keten

36 maanden

36 maanden

Tussenpoos die de keten verbreekt

meer dan 6 maanden

meer dan 36 maanden

Scholieren en studenten tot 16 uur per week

meer dan 6 maanden

meer dan 6 maanden

Seizoenswerk via cao of ministeriële regeling

meer dan 3 maanden

meer dan 3 maanden

Cao mag verruimen tot 6 contracten in 48 maanden

ja, voor aangewezen functies

nee

Voor scholieren en studenten met een bijbaan van gemiddeld hooguit 16 uur per week blijft de tussenpoos zes maanden. Wat de wet verder verandert, onder meer aan oproepcontracten en uitzendwerk, staat in de blog over de Wet meer zekerheid flexwerkers.

Geheugensteun: van 3x3x3 naar 3x3x36

De ketenregeling is vaak veranderd en oude geheugensteunen zwerven nog rond. Het eerste getal is het aantal contracten, het tweede de maximale duur in jaren, het derde de tussenpoos in maanden.

Periode

Regel

Wet

tot 1 juli 2015

3x3x3: 3 contracten, 3 jaar, tussenpoos 3 maanden

Wet flexibiliteit en zekerheid

1 juli 2015 tot 2020

3x2x6: 3 contracten, 2 jaar, tussenpoos 6 maanden

Wet werk en zekerheid (Wwz)

sinds 1 januari 2020

3x3x6: 3 contracten, 3 jaar, tussenpoos 6 maanden

Wet arbeidsmarkt in balans (WAB)

vanaf 1 januari 2028

3x3x36: 3 contracten, 3 jaar, tussenpoos 36 maanden

Wet meer zekerheid flexwerkers

Wie nog met 3x2x6 rekent, gaat uit van de regel van voor 2020 en denkt dat een contract na twee jaar al vast is.

Een kort contract na 36 maanden

Na één tijdelijk contract van 36 maanden of langer mag je nog één contract van maximaal drie maanden geven dat er direct op aansluit, zonder dat de duurgrens wordt overschreden (lid 3). Dat is bedoeld voor een korte overbrugging, bijvoorbeeld tot een project klaar is. De grens van drie contracten blijft gewoon gelden.

Opvolgend werkgeverschap

De keten loopt door als een medewerker bij een andere werkgever hetzelfde werk blijft doen en die werkgever redelijkerwijs als opvolger van de eerste geldt (lid 2). Het maakt daarbij niet uit of de nieuwe werkgever de medewerker al kende. Typische gevallen zijn een uitzendkracht die bij de inlener in dienst komt, een payrollkracht die rechtstreeks in dienst gaat en een doorstart na een faillissement waarbij dezelfde mensen hetzelfde werk doen. De contracten bij de eerste werkgever tellen dan mee.

Een cao mag nu van die regel afwijken ten nadele van de medewerker. Vanaf 2028 kan dat alleen nog voor het aantal contracten, niet voor de duur. Wat payroll verder betekent voor de ketenregeling, staat bij payroll.

Uitzonderingen op de ketenregeling

Voor een aantal groepen geldt de ketenregeling niet of anders:

Groep

Wat geldt

Artikel 7:668a

Jongeren onder de 18 die gemiddeld hooguit 12 uur per week werken

ketenregeling geldt niet; contracten uit die tijd tellen niet mee

lid 11 (vanaf 2028 lid 10)

Bbl-leerlingen

een contract in verband met de beroepsbegeleidende leerweg telt niet mee

lid 10 (vanaf 2028 lid 9)

Werknemers boven de AOW-leeftijd

6 contracten in 48 maanden; alleen contracten na de AOW-leeftijd tellen

lid 12

Invalkrachten in het primair en speciaal onderwijs die een zieke collega vervangen

ketenregeling geldt niet; in de wettekst per 2028 staat deze uitzondering niet meer

lid 15

Functies die de minister heeft aangewezen, omdat daar alleen met tijdelijke contracten gewerkt kan worden

een cao mag de ketenregeling voor die functies uitschakelen

lid 8 (vanaf 2028 lid 7)

Bestuurders van een rechtspersoon

de duurgrens van 36 maanden mag bij schriftelijke afspraak ruimer

lid 7 (vanaf 2028 lid 6)

Een cao kan daarnaast contracten die vooral om de opleiding van de medewerker gaan, zoals bij een leerwerkplek, uitzonderen. En tot 2028 mag een cao voor aangewezen functies het maximum verruimen tot zes contracten in 48 maanden, als de aard van het werk dat vraagt. Zo'n verruiming geldt alleen als de cao op jouw bedrijf van toepassing is.

Uitzendkrachten

Voor uitzendkrachten begint de ketenregeling pas te tellen als ze meer dan 26 weken hebben gewerkt (artikel 7:691 BW). Een cao mag die periode verlengen. De uitzend-cao's doen dat en werken met fasen, waarin het aantal contracten en de duur per fase vastliggen. Komt een uitzendkracht daarna bij de inlener zelf in dienst, dan is dat meestal opvolgend werkgeverschap en telt de uitzendtijd mee.

Wat gebeurt er als de keten is overschreden?

Vanaf de dag dat een van de grenzen is overschreden, geldt het laatste contract als contract voor onbepaalde tijd. Dat gaat vanzelf, ook als niemand het merkt en er in het contract een einddatum staat. Laat je het contract dan op de einddatum aflopen, dan kan de medewerker doorbetaling van loon eisen, want een vast contract eindigt niet vanzelf. Je moet het dan opzeggen met toestemming van het UWV, laten ontbinden door de kantonrechter of met wederzijds goedvinden beëindigen.

De opzegtermijn reken je in dat geval vanaf het begin van het eerste contract in de keten (lid 4). Wat er in een contract voor onbepaalde tijd verandert, staat bij vast contract.

Tijdelijke contracten bijhouden in Shiftbase

De meeste fouten met de ketenregeling zijn telfouten: een stilzwijgende verlenging die niemand als contract zag, of een tussenpoos die een week te kort was. In Shiftbase staan contractvorm, looptijd, uren en uurloon bij de medewerker en krijg je een melding voordat een contract afloopt. Bij een verlenging maakt Shiftbase het nieuwe contract op basis van je eigen template, vanuit de personeelsadministratie.

Veelgestelde vragen

Je mag maximaal drie tijdelijke contracten krijgen binnen 36 maanden. Het vierde contract, of het contract waarmee de reeks langer dan 36 maanden duurt, is automatisch een contract voor onbepaalde tijd.

De 3x3x6-regel is de geheugensteun voor de huidige ketenregeling: maximaal 3 tijdelijke contracten, samen maximaal 3 jaar en de keten is pas verbroken na een tussenpoos van meer dan 6 maanden. Vanaf 1 januari 2028 wordt dat 3x3x36.

De 3x2x6-regel geldt niet meer. Die hoorde bij de Wet werk en zekerheid en gold van juli 2015 tot 2020. Sinds 1 januari 2020 is de maximale duur van een keten 36 maanden in plaats van 24.

Om de keten te verbreken, moet er nu meer dan zes maanden tussen twee tijdelijke contracten zitten. Vanaf 1 januari 2028 is dat meer dan 36 maanden, behalve voor scholieren en studenten die hooguit 16 uur per week werken. Voor seizoenswerk kan een cao het inkorten tot drie maanden.

De ketenregeling geldt niet voor arbeidscontracten die in verband met de beroepsbegeleidende leerweg zijn gesloten. Een bbl-contract telt dus niet mee. Het eerste gewone contract daarna is het eerste in de keten.

Uitzendwerk telt mee als de uitzendkracht daarna bij de inlener in dienst komt voor hetzelfde werk. Dan is er sprake van opvolgend werkgeverschap en lopen de contracten via het uitzendbureau door in de keten.

Vanaf 1 januari 2028 verbreekt pas een tussenpoos van meer dan 36 maanden de keten, in plaats van zes maanden. De mogelijkheid om bij cao zes contracten in 48 maanden af te spreken vervalt. Het maximum van drie contracten in 36 maanden blijft gelijk.

Alle begrippen bekijken