HR-wetgeving 2027: wat verandert er?

Een HR-team bespreekt aan tafel de nieuwe regels voor het komende jaar
Geschreven door: Carin VreedeLeestijd: 7 minGepubliceerd op: 7 november 2026

Per 1 januari 2027 betaal je een medewerker van 21 jaar of ouder minimaal € 15,29 bruto per uur. Voor medewerkers van 16 tot en met 20 jaar stijgt het minimumloon nog veel harder. Wie personeel inleent, krijgt vanaf die datum te maken met de toelatingsplicht voor uitleners. De Wet loontransparantie staat ook voor 1 januari 2027 gepland, maar is begin november 2026 nog een wetsvoorstel.

Dit overzicht is voor werkgevers met een rooster vol vaste krachten, oproepkrachten en scholieren, zoals in de horeca en de retail. Bij elke wijziging zie je de status, aangenomen of voorstel, en de bron waar je de regel zelf terugvindt. Belastingtarieven en premies voor 2027 laten we hier weg: die hangen aan het Belastingplan 2027, dat nog door de Tweede en de Eerste Kamer moet.

Wat verandert er per 1 januari 2027 voor werkgevers?

Wijziging

Datum

Status (7 november 2026)

Minimumloon 21+ naar € 15,29 per uur

1 januari 2027

Vastgesteld

Extra verhoging minimumjeugdloon 16-20 jaar

1 januari 2027

Aangenomen (Stb. 2026, 279)

Gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden uitzendkrachten (Wmz)

31 december 2026

Aangenomen

Rechtsvermoeden werknemer bij zzp-tarief onder € 38

31 december 2026

Aangenomen

Wtta: toelatingsplicht voor uitleners

1 januari 2027

Aangenomen

Loonkostenvoordeel gaat mee naar nieuwe werkgever

1 januari 2027

Aangenomen

30%-regeling wordt 27% voor nieuwe gevallen sinds 2024

1 januari 2027

Aangenomen

Personeelskorting niet meer apart belastingvrij

1 januari 2027

Voorstel

Wet loontransparantie

1 januari 2027 (beoogd)

Voorstel

Het minimumloon en minimumjeugdloon per 1 januari 2027

Het wettelijk minimumloon stijgt op 1 januari 2027 van € 14,99 naar € 15,29 bruto per uur, een gewone halfjaarlijkse indexatie van 2%. Voor jongeren komt daar een tweede stap bovenop: hun percentage van het volwassen minimumloon gaat omhoog. Een 18-jarige krijgt geen 50% meer maar 62,5%, een 19-jarige 75% in plaats van 60%. Het minimumloon zelf, met wat wel en niet meetelt, staat in het woordenboek.

Leeftijd

Percentage tot 1 januari 2027

Percentage vanaf 1 januari 2027

Bruto per uur vanaf 1 januari 2027

21 jaar en ouder

100%

100%

€ 15,29

20 jaar

80%

87,5%

€ 13,38

19 jaar

60%

75%

€ 11,47

18 jaar

50%

62,5%

€ 9,56

17 jaar

39,5%

50%

€ 7,65

16 jaar

34,5%

40%

€ 6,12

15 jaar

30%

30%

€ 4,59

Wat dat in een zaak betekent: een lunchroom met een 18-jarige medewerker die 16 uur per week werkt. Op 1 juli 2026 was het minimum voor die leeftijd € 7,50 per uur, vanaf 1 januari 2027 is het € 9,56. Dat is € 32,96 per week meer, € 1.713,92 over 52 weken en € 1.851,03 met 8% vakantiegeld erbij. Werkgeverslasten en pensioenpremie komen daar nog bovenop. Heb je vijf van zulke bijbaners, dan reken je met vijf keer dat bedrag.

Let ook op verjaardagen. Het jeugdloon gaat omhoog op de dag dat iemand jarig wordt, dus een medewerker die in januari 19 wordt, krijgt binnen een paar weken twee verhogingen. Hoe je dat bijhoudt, staat in de blog over loonsverhoging op de verjaardag. De bedragen per leeftijd en de uitleg over het minimumjeugdloon vind je in een eigen blog.

Je cao kan hoger liggen

Wat de wet voorschrijft, is een ondergrens. Ligt het loon in je cao hoger, dan geldt de cao. In de horeca loopt de cao tot 1 januari 2027 en over een nieuwe wordt onderhandeld; wat er nu geldt, staat in de blog over de horeca-cao. Werk je onder de cao retail non-food, kijk dan naar de loontabel en de reiskostenregeling die in 2027 verandert.

Uitzendkrachten en inhuur: de Wtta en de Wmz

Op 1 januari 2027 gaat de Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten (Wtta) in. Uitleners hebben dan een toelating nodig van de Nederlandse Autoriteit Uitleenmarkt (NAU). Wie zich tussen 1 november en 31 december 2026 aanmeldt, valt onder een overgangsregeling en vraagt de toelating aan tussen 1 mei en 30 juni 2027. Als inlener mag je geen zaken doen met een uitlener die niet is toegelaten. Doe je dat toch, dan riskeer je een boete. Vanaf 1 januari 2028 controleer je in het openbare register van de NAU of je uitlener mag uitlenen; de huidige Waadi-check bij de KVK vervalt dan en de Arbeidsinspectie gaat handhaven.

Een deel van de Wet meer zekerheid flexwerkers (Wmz) komt eerder dan de rest. Op 31 december 2026 gaan gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden voor uitzendkrachten gelden (artikel 8 Waadi). Vanaf 1 januari 2027 moet je als inlener de uitlener op tijd laten weten als de arbeidsvoorwaarden in je bedrijf tussentijds veranderen, zoals een loonsverhoging uit de cao. Wat dat voor de beloning betekent, staat bij uitzendkracht. Het grootste deel van de Wmz volgt op 1 januari 2028.

Zzp’ers: het rechtsvermoeden onder € 38 per uur

Op 31 december 2026 gaat de wet in die een arbeidsovereenkomst vermoedt als een zzp’er voor minder dan € 38 per uur voor een zakelijke opdrachtgever werkt. Beroept de zzp’er zich daarop, dan moet jij aantonen dat er geen arbeidsovereenkomst is. Lukt dat niet, dan heeft de zzp’er recht op wat een werknemer heeft, zoals loon bij ziekte en ontslagbescherming. Huur je losse krachten in voor de keuken of de kassa tegen een laag tarief, kijk die afspraken dan voor de jaarwisseling na. Waar de grens tussen zzp en werknemer verder ligt, lees je bij schijnzelfstandigheid.

Loonkosten en de loonadministratie

Drie wijzigingen in de loonadministratie zijn aangenomen. Neem je iemand aan die bij een vorige werkgever recht gaf op loonkostenvoordeel (LKV), dan kan die medewerker een nieuwe doelgroepverklaring aanvragen; het resterende voordeel gaat dan naar jou. Dat geldt ook als je een bedrijf overneemt waar medewerkers een doelgroepverklaring hadden.

Voor de 30%-regeling daalt de belastingvrije vergoeding naar 27% voor regelingen die na 1 januari 2024 zijn begonnen. De inkomensnorm gaat naar € 50.436. Begon de regeling vóór 2024, dan blijft 30% gelden met de oude norm.

In de werkkostenregeling stijgt de vrije ruimte over de eerste € 400.000 van de fiscale loonsom van 2% naar 2,16%; daarboven blijft het 1,18%. Dat was al in 2024 voor 2027 vastgelegd. Hoe je je eigen ruimte uitrekent, staat in de blog over de werkkostenregeling.

Nog een voorstel: de aparte vrijstelling voor personeelskorting op eigen producten (20% en maximaal € 500 per jaar) verdwijnt per 1 januari 2027. Geef je korting in je winkel of restaurant, dan valt die daarna in de vrije ruimte. Gaat de vrije ruimte op, dan betaal je 80% eindheffing over het meerdere. Ook de kilometervergoeding hangt aan het Belastingplan 2027.

Wat in 2027 nog een voorstel is

Deze wetten staan in de planning of in de Kamer, maar zijn begin november 2026 niet aangenomen. Ze kunnen nog veranderen of later ingaan.

  • Voor de Wet loontransparantie is 1 januari 2027 de beoogde datum. Je mag sollicitanten dan niet meer naar hun vorige salaris vragen en je hebt een objectief systeem nodig om functies te waarderen. Werkgevers met 150 of meer werknemers rapporteren uiterlijk 7 juni 2028 over de loonverschillen in 2027, werkgevers met 100 tot 150 werknemers in 2031. Alles over de Wet loontransparantie staat in het woordenboek.

  • Het afschaffen van de compensatie voor de transitievergoeding na twee jaar ziekte of bij pensioen of overlijden van de werkgever. Dat stond voor 2027 gepland en is uitgesteld naar 1 januari 2028.

  • Wettelijk rouwverlof, een verplichte vertrouwenspersoon, een verplichte gedragscode en strengere regels voor het concurrentiebeding. Voor geen van deze voorstellen staat een ingangsdatum vast.

Vooruitkijken naar 2028

Op 1 januari 2028 gaat het grootste deel van de Wet meer zekerheid flexwerkers in. Een tussenpoos van zes maanden is dan niet meer genoeg om een reeks tijdelijke contracten te breken: pas na meer dan 36 maanden begint de ketenregeling opnieuw. Het nulurencontract verdwijnt voor de meeste medewerkers, met een uitzondering voor scholieren en studenten die tot 16 uur per week werken. Wat dat voor je flexpool betekent, staat in de blog over de Wet meer zekerheid flexwerkers. De AOW-leeftijd verandert in 2027 niet: die blijft 67 jaar en wordt in 2028 67 jaar en 3 maanden.

Je rooster en je contracten klaarzetten voor 1 januari 2027

Bijna elke wijziging raakt het uurloon. Dat uurloon staat in het contract van elke medewerker. Loop daarom in december de medewerkers onder de 21 en iedereen op of net boven het minimumloon na. Maak voor wie per 1 januari meer moet krijgen een nieuw contract met 1 januari 2027 als ingangsdatum, zodat de oude periode met het oude loon blijft staan. Kijk ook welke jongeren in januari en februari jarig zijn.

In Shiftbase leg je een loonsverhoging vast met een nieuw contract dat een ingangsdatum heeft. Het uurloon uit dat contract gebruikt Shiftbase voor de schatting van de loonkosten in het rooster en in de rapportages, dus je ziet al tijdens het plannen wat de nieuwe jeugdlonen in januari kosten. Contracten, uren en het dossier van je medewerkers staan bij elkaar in de personeelsadministratie van Shiftbase. Je kunt het 14 dagen gratis testen met je eigen team, zonder betaalgegevens.

Veelgestelde vragen

Het minimumloon per 1 januari 2027 is € 15,29 bruto per uur voor werknemers van 21 jaar en ouder. Voor jongeren geldt een percentage daarvan, dat op dezelfde datum extra omhooggaat: een 18-jarige krijgt dan minimaal € 9,56 per uur en een 20-jarige € 13,38.

Het minimumjeugdloon stijgt in 2027 voor werknemers van 16 tot en met 20 jaar. Een 16-jarige gaat van 34,5% naar 40% van het volwassen minimumloon, een 17-jarige van 39,5% naar 50%, een 18-jarige van 50% naar 62,5%, een 19-jarige van 60% naar 75% en een 20-jarige van 80% naar 87,5%. Voor 15-jarigen blijft het 30%.

De Wet loontransparantie is beoogd voor 1 januari 2027, maar is begin november 2026 nog een wetsvoorstel. Het kabinet diende het op 21 mei 2026 in bij de Tweede Kamer. Daarna moet ook de Eerste Kamer nog instemmen. Werkgevers met 150 of meer werknemers rapporteren volgens het voorstel voor het eerst uiterlijk 7 juni 2028, over 2027.

Werkgevers die uitzendkrachten inlenen, krijgen vanaf 1 januari 2027 te maken met de Wtta: een uitlener heeft een toelating van de NAU nodig, of valt onder de overgangsregeling als hij zich eind 2026 heeft aangemeld. Sinds 31 december 2026 gelden gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden voor uitzendkrachten. Vanaf 1 januari 2027 meld je tussentijdse wijzigingen in je arbeidsvoorwaarden op tijd aan de uitlener. De controle in het NAU-register en de handhaving starten op 1 januari 2028.

De ketenregeling verandert niet in 2027 maar op 1 januari 2028. Vanaf dan verbreekt pas een tussenpoos van meer dan 36 maanden de reeks tijdelijke contracten, in plaats van zes maanden. Tot die datum blijft de huidige regel gelden: drie contracten in maximaal 36 maanden.

De compensatie voor de transitievergoeding wordt niet in 2027 afgeschaft. Het kabinet heeft het voorstel om de compensatie na langdurige ziekte en bij pensioen of overlijden van de werkgever te schrappen uitgesteld naar 1 januari 2028. Het wetsvoorstel moet nog door de Tweede en de Eerste Kamer.

Carin Vreede
Carin VreedeTeamlead Online Marketing

Carin schrijft voor Shiftbase over roosteren, verzuim en alles wat teamplanning makkelijker maakt. Ze vertaalt de dagelijkse hoofdpijn van managers naar praktische tips die je meteen kunt gebruiken.

Blog

Lees meer over Shiftbase

Alle blogs bekijken